Vertaling Estlands
Russisch sprekende minderheidNet als in Letland bevindt zich in Estland, grotendeels ten gevolge van een vanuit Moskou gestimuleerde immigratie ten tijde van de Sovjet-Unie, een omvangrijke Russischtalige minderheid. Deze kwam vrijwillig naar het gebied vanwege de iets hogere lonen en omdat er meer dingen te koop waren dan in de rest van de Sovjet-Unie. Ook hadden ze veel privileges. De Estische taal werd ten tijde van de Sovjet-Unie sterk ontmoedigd; iedereen werd geacht Russisch te spreken, waardoor Estische inwoners zich tweederangs burgers voelden. Tussen 1959 en 1989 steeg het percentage Russen van 22% naar 35%. De Russisch sprekende minderheid is geconcentreerd in de hoofdstad Tallinn (40% van de bevolking van 397.000 inwoners) en in enkele industriesteden in Noordoost-Estland, waarvan Narva en Kohtla-Järve de belangrijkste zijn. In deze twee steden is zo'n 95% van de bevolking Russisch sprekend. In de tweede stad van het land, Tartu (bevolking tot voor kort 114.000, nu iets meer dan 100.000), woont maar een kleine Russisch sprekende minderheid (13%). De redenen waarom veel Russen bleven waren omdat ze verwachtten dat de Estse economie zich beter zou ontwikkelen dan de Russische.
Volgens het Estse ministerie van bevolkingszaken waren in december 2005 136.533 inwoners (ongeveer 10%) van Estland geen Estisch staatsburger[4]. Eén van de belangrijkste voorwaarden voor het verkrijgen van de Estse nationaliteit is de Estische taal te spreken of een taalexamen af te leggen. De Russische minderheid en kleinere minderheden van Wit-Russen, Oekraïeners en Finnen, worden dus geacht de Estse taal te leren. Voor het verkrijgen van een beroep in Estland is de Estische taal vereist in verschillende gradiënten; voor sommige beroepen als doktoren is veel Estische taalkennis vereist, voor andere beroepen als productiewerk is een beperkte Estische woordenschat voldoende. Veel fabrieken waar de Russen werkten zijn echter failliet gegaan en er heerst daardoor hoge werkloosheid onder deze bevolkingsgroep. In Litouwen is destijds gekozen voor het naturaliseren van alle in het land woonachtige Russen, maar daar ging het slechts om 10% van de bevolking.
Dit heeft tot spanningen tussen de Eststalige en de Russischtalige bevolking en tussen de Estse en de Russische regering geleid. Ondanks de traditionele tolerantie van de Estse bevolking braken in april 2007 spanningen uit tussen de Russische bevolking en de Estse politie na de verplaatsing van een bronzen beeld, symbool voor de Russische bevolking in Estland, maar voor de Esten ook een symbool van de Sovjetbezetting. Dit beeld is verplaatst van de Nationale Estische oorlogsbegraafsplaats in Tallinn. Hier zijn bijvoorbeeld ook de restanten van de laatste Estische president voor de Tweedewereld Oorlog bijgezet. Tijdens het Sovjetbewind hebben de meeste in Estland wonende Russen nooit de noodzaak gevoeld om de Estse taal te leren en zij vinden het onredelijk dat ze nu alsnog hiertoe gedwongen worden als ze de Estse nationaliteit willen verwerven. Russisch en Ests zijn geen verwante talen en het Ests heeft de naam een moeilijke taal te zijn. Bovendien is het aanbod Estse taalcursussen beperkt. Terugkeer naar Rusland willen veel Russen niet aangezien Rusland ze vanwege de hoge werkloosheid en het migrantenprobleem daar ook niet met open armen ontvangt. Daarnaast telt mee dat men zich veiliger voelt in Estland en het gegarandeerde pensioen er 10 keer hoger ligt. Veel Russen die in Estland zijn geboren tijdens de Sovjetperiode hebben bovendien weinig tot geen relationele banden meer met Rusland en zijn daarom ook veel minder snel geneigd om naar Rusland te gaan. Tenslotte geldt dat Russen die geen Ests staatsburgerschap hebben in principe statenloos zijn en daardoor het land niet uit kunnen. Als ze naar Rusland zouden gaan om bijvoorbeeld hun familie of vrienden te bezoeken, zouden ze niet weer terug kunnen keren naar Estland omdat ze daarvan officieel geen burgers zijn.
Daarnaast spelen ook onverschilligheid en culturele of politieke motieven een rol. Veel in Estland wonende Russen vinden, als sprekers van een wereldtaal, het Ests een onbelangrijke taal en zijn het vaak ook niet eens met de officiële Estse lezing dat het land door de Sovjets bezet was en niet vrijwillig deel uitmaakte van de Sovjet-Unie. Dit was de officiële lezing tijdens de Sovjet-Unie en veel Russen echten hier nog waarde aan. De Russische bevolking in Estland voelt zich hierdoor min of meer een tweederangs bevolkingsgroep. Een deel van de Esten heeft een anti-Russische houding, mede veroorzaakt door het verleden, en ziet de Russen liever naar Rusland terugkeren. De na de instorting van de Sovjet-Unie geboren kinderen van Russische immigranten hebben minder met deze problematiek te maken, omdat ze het Ests op school leren. De OVSEcommissaris voor Nationale Minderheden heeft verder de Estse regering overtuigd van een aantal maatregelen, waaronder de maatregel dat kinderen van Russische ouders die na 1991 zijn geboren automatisch het Estse staatsburgerschap krijgen